Verwarm de oven voor op 200 graden.
Snipper de sjalot fijn en hak de knoflook.
Snijd de courgette en paprika's in blokjes.
Verhit 2 el olijfolie in een ruime pan en fruit de sjalot en knoflook zacht.
Voeg de courgette en paprika toe en bak op hoog vuur circa 5 minuten tot ze kleur krijgen.
Snijd de verse tomaten in partjes en de zongedroogde tomaten fijn. Roer de tomatenpuree door de groente en bak 1 minuut mee. Voeg de tomatenblokjes, verse tomaat, zongedroogde tomaat, citroentijm, peper en zout toe. Laat 15 à 20 minuten zachtjes inkoken tot een dikke, smeuïge ratatouille.
Spoel de kappertjes af, knijp ze uit, roer ze erdoor en laat nog een minuut meekoken.
Kook 'm gerust goed in: hoe dikker de bodem, hoe beter-ie de zalm draagt.
Snijd de zalm in grove stukken. Schep de ratatouille in een ovenschaal en druk de zalm er half in. Bestrooi met peper en zout.
Hak de knoflook en peterselie fijn. Meng de panko met de citroenrasp, de knoflook, de helft van de peterselie en 1 el olie van de zongedroogde tomaten tot een vochtig kruimelmengsel. Strooi dit over de zalm.
Bak 18 à 22 minuten tot de zalm net gaar is en het korstje goudbruin. De zalm mag vanbinnen nog net glazig zijn.
Serveer warm of lauwwarm